Techneut als primus inter pares bij outsourcing

Posted on Posted in BCONN Nieuws

Rob Peeters is technisch consultant bij BCONN ICT en heeft de afgelopen jaren veel bedrijven gezien die hun ICT uitbesteed hebben aan een leverancier of de overstap hebben gemaakt naar de cloud. Tegenwoordig ziet hij ook dat bedrijven weer delen aan het insourcen zijn. Hij vertelt over zijn ervaringen en overwegingen in de praktijk.

Wat zie jij gebeuren in de praktijk bij outsourcing?

De afgelopen jaren hebben veel bedrijven IT uitbesteed aan een leverancier of de overstap gemaakt naar de cloud. Dit zou resulteren in lagere kosten en meer tijd om je te kunnen focussen op de core business. Op zich een goed idee.

Wat valt je daarbij op?

In de praktijk blijken vaak de kosten helemaal niet lager te zijn. Voor de diensten moet je behoorlijk betalen. Deze prijsdiscussie durf ik zo langzamerhand wel aan. Daarnaast merk ik dat de samenwerking tussen beide partijen lang niet altijd even soepel verloopt. Dat kan met cultuurverschil te maken hebben, maar ook met onderlinge communicatie en samenwerking. Dit leidt als je niet uitkijkt tot vertraging, frustratie en minder werkplezier. Ik zie dat er inmiddels ook bedrijven zijn die weer een gedeelte van de ICT aan het insourcen zijn en weer zelf gaan doen.

Waar gaat het in dan in de praktijk dan soms mis?

Op het moment dat de ICT wordt uitbesteed, blijft er vaak maar weinig technische expertise bij een bedrijf over. De techneuten gaan uit dienst. Het gevolg is dat de leverancier een soort “black box” wordt en beide partijen elkaars taal niet meer goed verstaan. Er ontstaat ruis op de lijn. De een zegt dit en de ander bedoelt dat. De verwijten gaan over en weer. Dit zorgt vaak voor een stroeve samenwerking.

Hoe ontstaat die ruis op de lijn?

Bij samenwerking ligt het naar mijn idee niet aan de een of de ander, maar aan beide partijen. Bedrijven nemen onvoldoende regie, waardoor de leverancier niet goed aangestuurd wordt. Aan de kant van de leverancier ontbreekt het geregeld aan kennis van de business van de klant en is die afstand vaak te groot.

Kun je een voorbeeld uit de praktijk geven?

Natuurlijk. Als bij een bank geen connectie met SWIFT gemaakt kan worden, kunnen er geen betalingen verwerkt worden. Cruciaal dus dat dit goed werkt. Als je hier een storing hebt, wil je niet van je leverancier horen dat ze er morgen wel naar gaan kijken. Toch gebeurt dit in de praktijk.

Hoe kun je dit oplossen?

Ik denk dat het van belang is voor bedrijven om toch een stuk technische expertise te behouden. Op die manier is de aansturing van een leverancier beter omdat je elkaars taal goed verstaat. Bovendien kent deze techneut de business van zijn bedrijf goed, zodat hij beter kan aangeven wat er nodig is. Hierdoor wordt naar mijn idee efficiënter gewerkt, zodat frustraties en vertragingen voorkomen kunnen worden. De techneut fungeert dan als het ware als primus inter pares. Ik denk dat dit een goede oplossing biedt voor een goede samenwerking bij outsourcing.